Middelgrote steden onderbelicht in Toekomstbeeld OV

In het Toekomstbeeld OV ‘Overstappen naar 2040 – flexibel en slim OV’ blijven middelgrote steden onderbelicht. De focus ligt op de economische kerngebieden in de Randstad en op een aantal kerngebieden zoals de regio Arnhem/Nijmegen en Brainport Eindhoven die met snelle verbindingen met elkaar moeten worden verbonden. Stations in middelgrote steden als Hilversum en Ede zullen niet meer altijd worden aangedaan door de Intercity’s die er nu nog wel stoppen. Dat terwijl juist voor deze middelgrote steden een groei wordt voorspeld van 8 à 10 procent.

Volgens de schrijvers van het Toekomstbeeld OV speelt de auto in en rond de middelgrote steden een belangrijke rol in de mobiliteit. Maar ik vind dat ze hier uit de bocht vliegen. OV is voor forenzen juist een alternatief voor de auto. Zeker als je in het achterhoofd houdt dat de filedruk enorm toeneemt. Alleen al vorig jaar was dat 13 procent ten opzichte van 2015 en dat wordt alleen nog maar meer. Het Toekomstbeeld OV gaat voorbij aan het feit dat de middelgrote steden groeien in belang en daarom juist óók moeten beschikken over kwalitatief goede en snelle OV-verbindingen richting de economische kerngebieden. En dus focust het Toekomstbeeld OV veel te veel op de economische kerngebieden.

Waarom ik hier zo’n punt van maak? Omdat ik het belangrijk vind me af te vragen voor wie het wonen in een grote stad straks nog betaalbaar is. Nederland is een land van de lage en middeninkomens. Volgens Vereniging Eigen Huis is het bijna onmogelijk voor mensen een betaalbare woning te vinden in de vier grote steden. Bijna de helft van de Nederlanders met een belastbaar inkomen valt in de eerste (laagste) schijf. Ruim een kwart van de Nederlanders valt in de tweede belastingschijf. Door de duurder wordende grote steden wordt het vinden van een betaalbare woning moeilijker bereikbaar. De middelgrote stad is het aantrekkelijke alternatief.

Waar gaat het nou precies om: In december 2016 presenteerde het Ministerie van Infrastructuur en Milieu (mede namens provincies, metropoolregio’s, NS, Federatie Mobiliteitsbedrijven Nederland en ProRail) het Toekomstbeeld Openbaar Vervoer 2040. Ambities zijn onder andere: verkorting van de reistijd tussen economische kerngebieden, bevordering van real time-informatievoorzieningen en start van pilots voor innovatieve mobiliteitsdiensten. Om de komende jaren stappen te zetten naar realisatie van deze ambities zijn binnen het Toekomstbeeld OV acht vertrekpunten benoemd: 
1. Van openbaar vervoer naar mobiliteit;
2. Nieuwe mobiliteit bieden bij geringere vraag;
3. Sneller verbinden van economische kerngebieden;
4. Versterken en integreren openbaar vervoer in stedelijke regio’s;
5. Regionale centra en middelgrote steden blijven verbinden;
6. Verder verduurzamen;
7. Innovatie aanjagen;
8. Slimmer samenwerken en financieren.

Om de concurrentiekracht van de Nederlandse economie te versterken, is het doel van het Toekomstbeeld OV snellere verbindingen tussen de belangrijkste kerngebieden en tussen deze kerngebieden en het buitenland te bieden. Er wonen en werken veel mensen in deze kerngebieden en de reisbehoefte is daardoor groot. De ambitie voor 2040 is dat reizigers binnen een uur van deur tot deur tussen de vier grote steden kunnen reizen. Ook voor kerngebieden buiten de Randstad, zoals de regio Arnhem/Nijmegen of Brainport Eindhoven moet de bereikbaarheid toenemen. Tegelijkertijd zeggen de makers van het Toekomstbeeld OV dat de snelle diensten dan niet altijd meer de tussengelegen stations aandoen. Een station van een middelgrote stad als Ede wordt in de toekomst dus overgeslagen om de snelle verbinding Utrecht-Arnhem/Nijmegen (zonder tussengelegen stops) te realiseren. Dat betekent dat Ede er een langzamer product voor terugkrijgt; denk aan een sneltrein die Ede/Wageningen, Veenendaal de Klomp en Driebergen/Zeist bedient. En betekent een snelle dienst tussen Brainport Eindhoven en Utrecht/Amsterdam dat je het station van de middelgrote stad ‘s-Hertogenbosch ook overslaat?

In de middelgrote steden zijn wél ruime en betaalbare woningen te vinden en zijn hiermee aantrekkelijke alternatieven voor de grote groep Nederlanders met een laag- of middeninkomen die in de ‘dure’ steden geen huis meer vinden. Steden als Hilversum, ’s-Hertogenbosch en Ede zijn nu per Intercity uitstekend verbonden met de economische kerngebieden. De trein is voor bewoners een belangrijk en duurzaam vervoermiddel. Steeds meer woningzoekers kijken buiten de grote steden. Huizen in middelgrote steden langs belangrijke snelwegen richting de Randstad zoals de A1, A2, A12, A27 en A28 en mét Intercitystation worden ook snel duurder.

De economische kerngebieden zijn belangrijk, maar de middelgrote steden moeten niet onderbelicht worden. Het is dus én kiezen voor een snellere verbinding tussen de economische kerngebieden, maar ook voor een snelle OV-verbinding tussen de middelgrote steden en economische kerngebieden. Want mensen uit de middelgrote steden zijn niet geholpen met een langzamer en daarmee een stuk onaantrekkelijker product. Bovendien wil je niet dat de reizigers uit de middelgrote steden overstappen op de auto. Dat kan het wegennet helemaal niet aan. We zijn dus allemaal gebaat bij een OV systeem dat ook de middelgrote steden kwalitatief goed en snel verbindt. Daarvoor neemt het belang van de middelgrote steden alleen maar toe.

Hendrik Jan Bergveld

Senior adviseur beleidsadvisering mobiliteit +31 (0)6 2706 0591 Stel mij een vraag