You have not accepted cookies yet

This content is blocked. Please accept marketing cookies. You can do this here.

Ronja van der Roest

Proces- en projectmanager stedelijke en landelijke gebiedsontwikkeling Arcadis | Over Morgen

Tussen Heesch en Nistelrode ligt een stuk bosrijk heidegebied waar omwonenden, recreanten en lokale ondernemers met plezier gebruik van maken: de Hooge Vorssel. Door het ontbreken van een toekomstvisie voor het gebied, ontstond er onduidelijkheid rondom het verstrekken van vergunningen. Kan de aanwezige golfbaan bijvoorbeeld uitbreiden om een officiële wedstrijdbaan te worden? Hoe zit het met de benodigde klimaatadaptieve maatregelen? Of kunnen ondernemers nog wel verder uitbreiden? Tijd dus voor een gezamenlijke visie. Dit keer niet via een klassiek participatietraject, maar een zogeheten Living Lab.

Het betrekken van de omgeving bij planvorming zien we bij Arcadis | Over Morgen niet als een checkbox exercise, maar als vereiste voor een duurzame samenwerking tussen overheid, inwoners en ondernemers. Dat sloot aan bij de wens van de gemeente Bernheze, die ervoor pleitte een echt bottum up-proces in gang te zetten en op die manier tot een duurzame samenwerking in de Hooge Vorssel te komen.

Community van belangrijke stakeholders

Vanuit de gemeente ontstond het idee voor een Living Lab: een community gevormd door een selectie van de belangrijkste stakeholders. Die stakeholders stelden we vast aan de hand van de 4B’s (Bestuur, Beambten, Bedrijven, Burgers) en nodigden we op verschillende momenten in het proces uit om mee te denken. Bij de deelnemers aan community ging die betrokkenheid een stap verder; zij fungeerden gedurende het hele traject als vaste sparringpartner en deden actief mee in het tot stand komen en schrijven van de gebiedsvisie.



De ABCD-methode van Living Lab

ABCD-methode van Living Lab

 

De ABCD-methode

In het Living Lab werkten we samen volgens de ABCD-methode. Deze methode begint bij het vaststellen van de stip op de horizon (A-stap): waar willen we naartoe? Daarna keken we naar de huidige situatie (B-stap) én naar wat er nodig is om van B naar A te komen (C-stap). De D-stap kijkt vervolgens naar de initiatieven die worden ingediend en onderzoekt of deze binnen de gewenste visie (A-stap) passen. Is dat niet het geval, zijn er dan alternatieven of creatieve oplossingen mogelijk?

Uiteindelijk kwamen we voor de Hooge Vorssel tot vijf kernwaarden. Een van die kernwaarden is bijvoorbeeld: De Hooge Vorssel is een kwalitatief natuurgebied met genoeg wandelmogelijkheden. Onder elke kernwaarde hangen ontwerpprincipes, ook wel regels: waar moet een initiatief aan voldoen om de gewenste kernwaarde te ondersteunen en wat moet een initiatief juist achterwege laten? Wat zijn de bandbreedtes waar initiatieven aan moeten voldoen? Voor dit project is een van de regels bijvoorbeeld dat de bouwoppervlakte in de Hooge Vorssel mag niet toenemen.

Die kernwaarden en regels toetsten we aan de eerder besproken initiatieven van de mensen uit community. Kunnen we met deze regels nog realiseren wat we willen realiseren? Met al deze input schreef ik samen met collega’s de gebiedsvisie. De visie geeft alle betrokken partijen duidelijkheid over het gewenste toekomstbeeld, dus wat er wel en niet gewenst is in de Hooge Vorssel. De visie biedt ook ruimte aan betrokkenen om zelf met ideeën te komen die passen bij dit gewenste toekomstbeeld. Dit laatste vinden we heel belangrijk want een gebied moet niet op slot staan. De ontwerpprincipes dienen ervoor om initiatieven in de goede richting te duwen en juist het initiatief van onderop te blijven ondersteunen.

De voorwaarden voor succes

Het Living Lab dacht en las het hele proces actief mee wat leidde tot een breed gedragen visie. Dit participatietraject vraagt om durf van een gemeente. Want hoewel gemeente Bernheze de bevoegdheid over het vaststellen van de kernwaarden en de ontwerpprincipes behield, nam zij wel de input vanuit community mee. De gemeente had vertrouwen in haar bewoners, het Living Lab en het proces. Met die houding slaagde het participatietraject.

Een andere voorwaarde die het Living Lab tot een succes maakte, is de samenstelling van de afgevaardigden. De 4B’s waren hierin goed vertegenwoordigd. Aan tafel zaten een wethouder, de vertegenwoordiger van de ondernemersvereniging en betrokken bewoners vanuit de bewonersraden. Zij waren allemaal bereid om vanuit het gebied te denken, een vereiste voor deelname aan community. Natuurlijk heeft iedereen eigen voorkeuren, maar deelnemers moeten niet enkel aanschuiven om hun eigen plannen door te kunnen drukken. Zo werd deze sociocratische manier van werken voor de Hooge Vorssel een succes!

Wil je voor jouw gemeente ook aan de slag met een Living Lab? Neem dan contact met mij op.

AUTEUR

Ronja van der Roest

Ronja van der Roest

Proces- en projectmanager stedelijke en landelijke gebiedsontwikkeling Arcadis | Over Morgen